Bernardo

Als ik de stilte zoek kan ik net zo goed op mijn meditatiekussen gaan zitten, meende ik. Een zacht rood rond kussen, afgewerkt met een strook die als handvat dient om er makkelijk mijn plekje mee op te kunnen zoeken. Het lijkt gevuld met zand en meet wel een handje dik. Zodat ook minder lenigen zoals ik er zonder probleem op plaats kunnen nemen, liefst in een hele lotushouding; de halve, die ik noodgedwongen praktiseer, komt neer op een gewone kleermakerszit. Maar we gaan geen kleren maken, we proberen helemaal niets te maken. Eén ademhaling, ik ontvang de lucht, ik geef hem gul weer terug. Dan, omspeeld door het bruingroene takkenweefsel tegen het grijs, worden opnieuw gedachten binnengereden: zorgen, vermoedens en speculaties rond mijn oude vriend Ralph.

- 244 -